Shikko

Shikko (膝行) is lopen op je knieën. Het is een traditioneel Japanse manier van bewegen, die veel gebruikt werd aan het hof. Het werd beleefd geacht om op je knieën te lopen en zitten, in plaats van te staan. Veel zwaardstijlen uit die tijd kennen ook zittende kata, omdat een deel van de gevechten ook zittend aan het hof plaatsvonden. Een andere reden dat men ging zitten in een gevecht is dat in het donker een persoon slechter zichtbaar is als deze zit dan wanneer deze staat. Degene die gaat zitten heeft zo een voordeel, omdat degene die staat tegen de sterrenhemel te zien is.

Het karakter shi () betekent “knie”. Het karakter ko () betekent bewegen of verplaatsen. Letterlijk betekent shikko dus “knie verplaatsing” of “beweging op de knieën”.

Binnen aikido wordt er relatief veel aandacht besteed aan zittende technieken. Dit lijkt in eerste instantie tamelijk nutteloos, omdat het tegenwoordig niet zo snel meer nodig zal zijn deze technieken uit te voeren om jezelf te verdedigen. Toch heeft het wel degelijk nut dit te leren. Zittend lopen en technieken uitvoeren vereist een veel betere balans dan dezelfde activiteiten staand vereisen. Dit komt omdat je niet langer met je benen kunt compenseren voor een matige houding of balans. Door technieken zittend correct uit te leren voeren, ga je staand ook netter en correcter werken.

Uitvoeren

Bij het uitvoeren van shikko is het belangrijk dat je enkels zoveel mogelijk bij elkaar blijven. Vervolgens breng je steeds 1 knie naar voren terwijl het andere been draait. Hierdoor ontstaat er steeds een driehoeksformatie. Zie het filmpje hieronder.

Tijdens de jeugdlessen wordt er geregeld “shikko tikkertje” gespeeld. Op deze manier leert de jeugd spelenderwijs om op hun knieën te lopen.

Zitten

Een typisch beeld binnen de Japanse krijgskunst is dat van mensen die op hun knieën zitten. Dit is een overblijfsel uit de Japanse cultuur, waar van oudsher de meeste activiteiten op de knieën zittend gebeurde. Stoelen kwamen bijna niet voor in Japan. In plaats daarvan waren de meeste kamers bedekt met rieten matten waar men op de knieën op zat (en van oudsher ook liep).

Dit heeft deels te maken met de anatomie van de Aziatische benen, die beter geschikt zijn voor het langdurig op de knieën zitten, maar vooral ook met gewenning. Het is helemaal niet gezond voor ons om zoveel te zitten als we doen, en zeker niet op stoelen. Hoewel vervelend en niet per se goed voor je knieën, is op je knieën zitten wel heel gezond voor je rug. Er ontstaat namelijk een veel natuurlijker kromming in je onderrug dan wanneer je in een stoel zit, en je voelt vanzelf wanneer het weer tijd is om te gaan staan. De Japanners hadden dit honderden jaren geleden al door, maar helaas zwichten ze langzaamaan steeds meer voor onze comfortabele stoelen.

Manieren van zitten

Er zijn verschillende manieren om te zitten, die in het Japans allemaal een naam hebben, de bekendste staan hier uitgelegd:

Seiza
Seiza zitten

Seiza (正坐) is de klassieke manier van zitten die we associëren met Japan, met samurai en met het Japanse hof. Seiza betekent letterlijk “correct zitten” of “rechtop zitten”. Voor Japanners betekent dit dat je zit op je knieën met je tenen plat en een licht holle rug. Afhankelijk van de lokale gebruiken en je rol in de maatschappij kan het de bedoeling zijn dat je je knieën tegen elkaar hebt (gangbaar voor vrouwen), of met 1-2 vuisten tussen je knieën (gangbaar voor mannen). Het is tevens gebruikelijk om je linkervoet een beetje op je rechtervoet te leggen. Dit kan je hele voorvoet zijn, of alleen de grote teen.

Kiza
Kiza zitten

Kiza (危坐) is binnen aikido een ander veel gebruikte houding. Het is de actieve versie van de “passieve” seiza. Het wordt vertaald als “geknield zitten”, maar als je de karakters los van elkaar leest ontstaat een ander beeld. Het gebruikte karakter voor ki (危) betekent zoiets als “gevaar” of “risico”. Aan een hof waar iedereen passief zit, is degene die in kiza zit gevaarlijk, omdat diegene veel sneller kan reageren.

Bij kiza zit je met je tenen in de mat, klaar om te bewegen. Het is het vertrekpunt voor shikko (lopen op je knieën) en de houding om aan te nemen voor je begint aan een zittende techniek. Veel mensen eindigen hun klemtechnieken ook in kiza, hoewel niet iedereen het eens is over die noodzaak.

Het nadeel aan kiza ten opzichte van seiza is dat je zwaartepunt een fractie hoger komt te liggen, en iets naar voren verplaatst. Dit is een van de reden dat sommige mensen ervoor kiezen hun klemmen af te maken in seiza.

Agura
Kleermakerzit agura zitten

Agura (胡坐) is wat we in het Nederlands “kleermakerszit” noemen. Je zit op je billen met je beide voeten onder je gevouwen. Wij noemen de houding zo, omdat van oudsher kleermakers in deze houding zaten te werken. Dit idee gaat al terug naar de tijd van de Romeinen. De spier die in deze houding maximaal opgerekt wordt heet in het Latijn de m. Sartorius, letterlijk “de kleermakerspier”.

De letterlijke betekenis van 胡坐 – agura is cultureel nog meer gekleurd. Het karakter 胡 betekent zoiets als “barbaar”. Het is in de Japanse traditie een barbaarse manier van zitten. Overigens wordt dit woord van oudsher gebruikt voor stammen op het vaste land van Azië. Hoewel ook Europeanen die 400 jaar geleden in Japan arriveerden als barbaren werden gezien, werden zij meestal met het karakter 蛮 aangeduid, wat impliceert dat het niet de Europeanen, maar andere Aziaten waren die de kleermakerszit introduceerden in Japan.

In de moderne Japanse cultuur geldt agura als een ontspannen zithouding, uitsluitend geschikt voor mannen. De hoekige vorm die de knieën maken vond men niet passen bij vrouwen. Daarnaast, en mogelijk belangrijker, werd de houding onkuis geacht voor vrouwen met een rok aan. Bij aikido speelt dit minder een rol, maar aangezien veel (middelbare)scholen nog een schooluniform (met verplichte rok voor dames) kennen heerst dit beeld nog steeds een beetje. Hoewel niet alle schoolgaande dames zich hier iets van aantrekken. Bij aikido geld agura als ontspannen alternatief voor seiza, bijvoorbeeld tijdens de uitleg van de leraar of tijdens examens. Het nadeel is dat het een stuk lastiger is om soepel en snel op te staan zonder de handen te gebruiken.

Kekkafuza
Lotushouding zitten kekkafuza

Kekkafuza (結跏趺坐) is wat we in het Nederlands de “lotushouding” noemen. Letterlijk betekent het zoiets als “kleermakerszit met verbonden voeten”, en dat dekt de lading. Vanuit kleermakerszit is het de bedoeling dat je beide voeten op de knie van het andere been tilt. Dit is niet voor iedereen haalbaar, en is dan ook niet meer dan een optie.

Yokozuwari
Yokozuwari zijwaarts zitten

Yokozuwari (横坐り) is traditioneel het vrouwelijke alternatief voor de ‘mannelijke’ kleermakerszit. Het betekent letterlijk “scheef zitten”, en wordt gezien als een ontspannender houding dan seiza, die ook vrouwen met rokken kunnen aannemen. De makkelijkste manier om deze houding aan te nemen is vanuit seiza je billen/heup opzij te laten vallen. Helaas is dit minder gunstig voor de rug, en daarom wordt dit bij aikido dan ook niet gedaan.

Sonkyo
Sonkyo Japans hurken

Sonkyo (蹲踞), letterlijk “gehurkt”, is een lastige houding om aan te nemen. De bedoeling is dat je slechts op je tenen/bal van je voet rust, terwijl je je bovenbenen naar buiten draait en je knieën lager zijn dan je heupen. Deze houding wordt onder andere tijdens sumo wedstrijden veel gebruikt.

Gaan staan en zitten

Er zijn verschillende woorden om mee aan te duiden dat iemand moet gaan staan of zitten. De Japanse gebiedende wijs eindigt altijd op “te” of “de”. Tatsu (立つ) betekent “staan”, tatte (立って) is dus “ga staan”. Suwaru (座る) betekent “zitten”, suwatte (座って) is dus “ga zitten”. In hoeverre deze woorden gebruikt worden hangt sterk af van de cultuur binnen een dojo. In sommige dojo gebruikt men het veelvuldig, in andere dojo alleen in uitzonderlijke situaties, zoals bij een examen.

Door de Chinese invloed op de Japanse taal zijn er vaak twee of meer woorden met dezelfde betekenis. De woorden met een Chinese oorsprong zijn wat formeler en stijver. In sommige dojo wordt daarom de voorkeur gegeven aan dit soort woorden. Andere opdrachten die vaak ter vervanging gebruikt worden zijn kiritsu (起立, “opstaan”) en seiza (正座, “netjes zitten” of “correct zitten”).

Netjes opstaan en gaan zitten

Er zijn verschillende manieren om vanuit zittende positie naar een staande positie te gaan. De meeste scholen besteden hier verder weinig aandacht aan. Toch kom je soms een Japanse leraar tegen die het tot in de puntjes correct wil zien. Het kan voorkomen dat een dergelijke leraar pas verder gaat met een stage als iedereen weet hoe het hoort.

De officiële “correcte” vorm (zoals die aan het hof verwacht zou worden) is dat je vanuit seiza eerst je rechtervoet op de grond zet, dan opstaat en je rechtervoet weer aansluit door deze naar achteren te halen. Gaan zitten is hier de omgekeerde vorm van: eerst je rechtervoet naar voren en linkerknie op de grond, dan je rechter knie naar achteren aansluiten. Dit heeft te maken met het traditionele zwaardvechten, waar je je zwaard op je linkerheup draagt. Met je rechterbeen omhoog kun je je zwaard direct trekken. Door je positie ten opzichte van de kamiza kan het zijn dat het netter is om dezelfde bewegingen gespiegeld te doen (dus te beginnen met je linkerbeen). Op die manier kun je voorkomen dat de binnenkant van je bovenbeen zichtbaar is voor de tere ogen van de toeschouwers aan de kamiza zijde.

Opstaan Tatte gaan staan gaan zitten

Netjes maar natuurlijk

Een vergelijkbare, maar iets natuurlijkere manier om te gaan staan is je rechter voet neerzetten, dan opstaan en je linkervoet naar voren toe aan te sluiten. Als je gaat zitten zet je dan je linkerknie naar achteren op de grond en sluit je rechter knie aan.

Bij Aikidojo Poort hechten we niet veel waarde aan de manier van op staan, maar we zien graag dat je weet hoe het hoort, zodat je dit indien nodig correct kunt uitvoeren. Mocht je in een dojo komen waar ze hier aandacht aan besteden, bijvoorbeeld voor een stage, dan kun je het gebruik direct herkennen en moeiteloos meedoen.

Reigi – Beleefdheid en etiquette

Het is een veel gehoord compliment over de Japanse cultuur en medemens: “ze zijn zo beleefd”. De ervaren reiziger zal gemerkt hebben dat beleefdheid bijvoorbeeld ook in de VS veelvoorkomend is. Sterker nog, bijna overal lijkt men beleefder te zijn dan in Nederland. Toch zal menigeen ervaren hebben dat Japanse beleefdheid een klasse apart is.

Staand Buigen
Twee aikidoka groeten staand

Japanse beleefdheid, reigi (礼儀), is zo verweven met de Japanse cultuur dat deze waarschijnlijk “echter” aan zal voelen dan elders. Je zult niet snel het gevoel hebben dat Japanners beleefd zijn omdat het hoort, Japanners doen beleefd omdat ze beleefd zijn. Dit heeft deels te maken met een wereldwijde tweedeling. Europese culturen zijn individualistischer, het individuele geluk en de individuele vrijheid staat voorop. Een Nederlander zal bijvoorbeeld niet snel aarzelen de mening van zijn/haar ouders naast zich neer te leggen. Aziatische culturen aan de andere kant, zijn veel meer maatschappij gericht. Het belang van de groep staat voorop, of het nu familie, of de gemeenschap is. De mening van bijvoorbeeld een ouder weegt in Azië dan ook veel zwaarder.

Binnen de Europese culturen hebben we veelal de vrijheid en autonomie om te kiezen wat we studeren en hoe we in het leven staan. Dit brengt echter ook nadelen met zich mee. Denk aan afval op straat, weinig respect voor ouderen, keuzestress en luiheid op school om maar wat te noemen. In Azië hebben ze hier een stuk minder last van, maar kampen ze vaak weer met andere problemen. Denk bijvoorbeeld aan druk om te presteren, geen keuzevrijheid hebben, of het gevoel hebben geleefd te worden. Het gevoel niet te willen falen, om wat te betekenen voor de familie en de maatschappij, is vaak enorm.

Beleefdheid in Japan

Zittend Buigen
Twee aikidoka groeten zittend

Toch zijn lang niet alle Aziatische landen zo beleefd als Japan. In Japan is men zich niet alleen bewust van wat er maatschappelijk van hen verwacht wordt, maar spelen ook hiërarchie, trots en ontzag voor de trots van een ander een grote rol. De ander niet beschadigen of gezichtsverlies veroorzaken voor de ander zijn doelen die de gemiddelde Japanner de hele dag voorop heeft staan. Dit verklaart ook meteen de ongemakkelijke reactie als men de gemiddelde Japanner in het Engels om hulp vraagt. De meeste Japanners begrijpen prima Engels, en zouden zich ook prima verstaanbaar kunnen maken. Zeker op het niveau “twee keer links dan rechts”. Echter, de angst om “fouten te maken” (lees: “geen vloeiende volzinnen te kunnen maken”) is zo groot dat er regelmatig gedaan wordt of men helemaal geen Engels spreekt.

Reigi als begrip

Reigi (礼儀) bestaat uit twee karakters. Rei (礼) betekent in zichzelf “buiging“, “beleefdheid” of “dankbaarheid”. Het is het gebaar wat men in Japan maakt om te groeten, of dankbaarheid of respect te tonen. Gi (儀) wordt gebruikt in allerlei woorden die te maken hebben met etiquette en rites. De twee karakters samen beschrijven “beleefdheidsregels” of “etiquette”.

Rei als uiting van respect

Rei (礼) betekent dus letterlijk “beleefdheid” maar ook “buiging”, en het is niet voor niets dat deze twee concepten zo onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn in de Japanse cultuur. Het buigen is de voornaamste uiting van dankbaarheid, respect, en soms verontschuldiging.

Reigi binnen aikido

Bij aikido hebben we niet dagelijks met deze beleefdheid te maken. Toch zijn beleefdheid en etiquette belangrijk. Zo belangrijk dat dit op het examen beoordeeld wordt. Er wordt dan met name gekeken naar je presentie, verzorgd en hygiënisch, correcte omgang met de ander en het naleven van de examen procedure en de geldende dojo etiquette. Tijdens de les en examens wordt ook gelet op je opstelling binnen de vereniging: (ruim) op tijd komen, helpen met de zaal gereed maken en weer opruimen, het helpen van beginners etc.

De precieze regels zullen per dojo verschillen. Sommige dojo gaan pragmatisch met het onderwerp om, andere dojo zijn roomser dan de Paus. Je kunt een idee krijgen van wat er bij Aikidojo Poort van je verwacht wordt door deze pagina te lezen. Verder geldt in algemene zin dat je het beste op de leraar en gevorderde leerlingen kunt letten en hen kunt kopiëren. Let ook echter daar mee op: sommige gevorderde leerlingen hebben omwille van bijvoorbeeld gezondheidsredenen bijzondere toestemming iets te doen, wat voor de groep absoluut niet de bedoeling is.

Hai – ja of nee?

Het Japanse woord voor “ja” is hai. Dus als iemand hai zegt dan is hij het met je eens, toch? Helaas is dit in het Japans niet zo simpel. Voor westerse aikidoka onderling is het niet zo’n probleem, wij begrijpen elkaar. Echter, zodra je ook te maken krijgt met Japanners is het handig de Japanse cultuur iets beter te begrijpen. Japanners zijn erg trots, en tegelijkertijd erg attent als het aankomt op de trots van een ander. Dit speelt zelfs door in hun taalgebruik.

Aikido Almere Hai Ja of NeeDe Japanners proberen te allen tijde (publiekelijke) teleurstelling en gezichtsverlies te voorkomen. Zo is het bijvoorbeeld ontzettend onbeleefd om als leerling een leraar te corrigeren. Via een omweg probeert men dan de boodschap tactisch over te brengen. Een andere situatie die Japanners proberen te voorkomen, is dat ze ergens “nee” op moeten antwoorden. Een “nee” betekent namelijk dat zij iemand teleurstellen.

Nee?

Het Japanse woord voor “nee” is iie (spreek uit: ie-je), maar zoals gezegd wordt dit betrekkelijk weinig gebruikt. In plaats van “nee” te zeggen kunnen Japanners ook gewoon niet verder reageren dan bijvoorbeeld hai (of un, wat “ok” betekent) Maar dat betekent dan toch “ja”?! Ook, maar het betekent tevens “ik heb je gehoord”, zoals wij in Nederland “uhu” gebruiken. Het is dan een beetje als “ja, maar”, zonder dat je uitweidt over wat die maar precies is. Dat zou immers weer tot gezichtsverlies van de ander kunnen leiden, die kennelijk ergens niet over nagedacht heeft.

Voor ons directe Nederlanders klinkt dit allemaal nodeloos ingewikkeld, maar door onze nieuwsgierigheid en directheid worden wij meer dan eens als bot ervaren door buitenlanders. Dit betekent niet dat onze effectieve manier van communicatie altijd fout is, het heeft immers veel voordelen. Binnen de context van aikido betekent dit alleen dat mensen zich er bewust van moeten zijn dat “ja” soms “nee” is en dat je soms even geen vragen moet stellen. Achter de schermen is hier vaak genoeg ruimte en begrip voor.

Het schipperen tussen twee culturen is lastig. Wanneer je je aanpast, en wanneer niet, is een keuze die je vooral zelf moet maken. Echter, begrip van elkaars cultuur en wederzijds begrip helpen vaak al een hele hoop.

Oshougatsu – Oud en Nieuw

In het oosten kent men een heel andere traditie voor oud en nieuw dan hier in het westen. Ook per land zijn er sterke verschillen. De Japanse naam voor oud en nieuw, oshogatsu, geeft meteen een opvallend verschil prijs. Het eerste karakter, 正, betekent zoiets als “waar”, “exact” of “correct”, het tweede karakter, 月, betekent “maan”. De Japanse kalender is van oudsher, net als de Chinese kalender, gebaseerd op de maan in plaats van de zon.

De datum

TOsoujiot in de 19e eeuw vierden de Japanners dan ook, net als de Chinezen, hun oud en nieuw pas eind januari of ergens in februari. De naderende dooi en seizoenswisseling naar de lente speelde hier een belangrijke rol bij. De natuur maakte zich, evenals de mens, klaar voor een nieuw jaar met nieuwe kansen. Dit zie je terug in het Japanse gebruik osouji, de grote schoonmaak. Aan het einde van het jaar wordt het huis (of de dojo) grondig schoongemaakt. Dit is naast hygiënisch ook bedoeld als spirituele activiteit, zodat men mentaal met een schone lei kan beginnen aan het nieuwe jaar. Deze traditie vertaalt zich goed naar de westerse situatie. Het is dan ook niet ongebruikelijk dat dojo in het westen een vorm van osouji kennen.

Onder invloed van het westen is Japan in de 19e eeuw de gregoriaanse kalender gaan gebruiken, en is de nieuwjaarsviering verschoven. De gebruiken zelf zijn echter niet veel veranderd. Het is geen feest zoals wij dat hier in Nederland kennen, met alcohol, vuurwerk en oliebollen. Als je als buitenstaander in Japan bent gaat de jaarwisseling redelijk roemloos aan je voorbij. Wanneer je de televisie afstruint naar programma’s ter ere van de jaarafsluiting zul je alleen op de nationale televisie iets van betekenis tegenkomen. Je zult ook meteen begrijpen waarom wakker blijven tot na twaalf uur geen algemeen vermaak is in Japan. Ter ere van het nieuwe jaar wordt er in elke tempel een 108 maal een bel geslagen. Dit symboliseert de 108 boeddhistische zonden en moet de aardse verlangens wegjagen. Het slaan van de bel wordt live uitgezonden op de nationale televisie.

De Japanse gebruiken – het eten

Oliebollen JapanHet Japanse nieuwjaar zie je veel meer terug in de persoonlijke en sociale gebruiken in de eerste week van januari. Waar wij ons te goed doen aan oliebollen, waarvan menig Nederlander niet weet hoe ze te maken, zwoegen Japanse moeders, eventueel met hulp van oma, dagenlang in de keuken om osechi te bereiden. Ongeveer een week lang worden er typische hapjes gegeten uit luxe gelakte houten doosjes. Dit gebruik stamt nog uit de tijd dat er geen koelkasten waren, dus alle hapjes zijn ingemaakt en daardoor goed te bewaren. Te denken valt aan bijvoorbeeld lotusbloemplakjes, kastanjes en viskoekjes. Overigens zijn ook oliebollen tegenwoordig te verkrijgen in Japan, bij de donutzaak!

Aikido Almere Nieuwjaar
Mochi Tsuki

Misschien nog wel typischer dan osechi is mochi. Dit is een soort “rijst cake”, gemaakt van erg plakkerige rijst. De rijst wordt gekookt en daarna herhaaldelijk fijngestampt met een houten hamer. Mochi is in de supermarkt te verkrijgen, maar samen met de buurt of een groep vrienden mochi slaan is een populaire bezigheid. Vaak ontstaat er een natuurlijke rolverdeling. De mannen leven zich uit met de hamer, terwijl de vrouwen gekookte rijst aanleveren en samen met de kinderen mochi bolletjes draaien. De mochi wordt vervolgens in allerlei combinaties genuttigd, bijvoorbeeld in de soep, of met wat suiker en/of sojasaus.

De Japanse gebruiken – sociaal

Een belangrijk onderdeel van oud en nieuw is ook het sturen van nieuwjaarsgroeten middels nengajo (“nieuwjaarskaart”), een handgeschreven kaart om aan te geven dat je nog steeds geeft om je contact met de ander. Op de kaart staat altijd een standaard wens, en eventueel nog een persoonlijke boodschap. Het is sterk te vergelijken met onze kerstkaart traditie. Het Japanse postkantoor spaart eind december alle kaarten op en zorgt dat de kaarten op 1 januari worden afgeleverd.

Aikido Almere oud en nieuw
Japanse horoscoop

Op 1 januari wordt er vaak een bezoek gebracht aan familie. Kinderen in de naaste familie krijgen vaak geld (otoshidama) van oudere familieleden. Hierbij wordt er belang aan gehecht dat alle kinderen evenveel krijgen, zodat niemand zich minder voelt. Het gaat soms om flinke bedragen (meerdere gulle gevers die allen 50-100 euro geven bijvoorbeeld), maar het is voor sommige kinderen het enige zakgeld wat ze krijgen in een jaar. Naast de levende familie krijgt ook het graf van de familie vaak een bezoekje, en wordt er bij een schrijn gebeden voor voorspoed in het nieuwe jaar. Voor een kleine bijdrage krijgt men een soort horoscoop welke men om een touw heen knoopt om de goden te verzoeken deze horoscoop ook uit te laten komen.

De Japanse nieuwjaarstraditie zit vol met interessante gebruiken. Naast het lekkere eten is de manier waarop de Japanners stil staan bij het veranderen van de seizoenen, en de nieuwe kansen die geboden worden, bewonderenswaardig en leerzaam. Shinnen akemashite omedetou gozaimasu.