Jiku – Assen binnen aikido – een andere blik op bewegen

Een belangrijk concept binnen anatomie, en biomechanica in het bijzonder, is dat van assen. En aangezien aikido te bestuderen is als toegepaste biomechanica, is het ook binnen aikido een zeer belangrijk concept. Zonder dat we erbij stilstaan is elke aikido techniek een groot samenspel van assen. Bewustwording van dit concept kan helpen je aikido naar een hoger niveau te tillen, of bijvoorbeeld blokkades bij bepaalde valbreekoefeningen weg te nemen. In de drie dimensionale wereld waar we in leven hebben we drie assen. In het dagelijks leven gebruiken we maar een van deze volledig, bij aikido is dat anders.

De lengte as

Tenkai: een draai om de lengte as

Veruit de meest gebruikte as in het dagelijks leven is de verticale as, officieel de “lengte as” genaamd. De verticale as loopt vanaf je hoofd door je rug, loodrecht naar beneden tot aan je voeten. Bij de meeste acties die we uitvoeren draaien we om deze as. Wanneer we iets uit de koelkast pakken en linksom of rechtsom naar het aanrecht draaien bijvoorbeeld.

Ook bij aikido is deze verticale as belangrijk, omdat je probeert deze zoveel mogelijk in stand te houden. Anders gezegd, je probeert zoveel mogelijk je rug verticaal te houden. Als je perse moet buigen, doe je dit naar voren of achteren, en zeker niet opzij. Hoe beter je hierin slaagt, hoe mooier je houding, en belangrijker, hoe beter je krachten over kunt brengen vanuit je centrum naar je partner.

Er ontstaan geregeld situaties waar ons hoofd omlaag moet voor een techniek, bijvoorbeeld bij shiho-nage. De kunst is dan om door de knieën te zakken, hierdoor kan de rug verticaal blijven. Dit vereist wel enige souplesse in de heupen en enkels, en robuuste knieën.

De transversale as

Mae-ukemi: een draai om de horizontale as

De tweede as die we in het dagelijks leven geregeld gebruiken is een horizontale as die van links naar rechts door de heupen loopt. Deze as heet officieel “de transversale as” en wordt ook wel de “breedte as” genoemd. Echter, in het dagelijks leven gebruiken we deze as maar heel beperkt. Bijvoorbeeld wanneer we bukken om iets op te rapen op niet-ergonomische wijze, met gestrekte benen dus. Er zijn onder normale omstandigheden geen situaties waarin we een volledige omwenteling maken om deze as. We buigen slechts van rechtopstaand naar beneden en terug. Een uitzondering hierop zijn kinderen die in de speeltuin om een stang heen tuimelen, of bij de gymles een koprol leren.

Bij aikido wordt deze horizontale as juist heel veel gebruikt. Praktische elke rol die je maakt is een omwenteling rond de transversale as. Omdat veel mensen dit helemaal niet gewend zijn kan het rollen in het begin heel onwennig zijn en zelfs desoriënterend werken. Mocht dit het geval zijn doe dan rustig aan. Het is een gevoel waar je doorheen zult moeten, maar dat hoeft niet in een keer te gebeuren, neem de tijd en bezeer jezelf niet.

Als het goed is gebruikt tori de horizontale as zo min mogelijk. Het is vooral uke die met deze as van doen heeft.

De saggitale as

Yoko-ukemi: een draai om de saggitale as.

De derde as is ook een horizontale as, maar deze staat haaks op de transversale as. Je kunt je voorstellen dat deze as door je navel naar voren en achteren steekt. De as draagt de dure naam “sagittale as”, en wordt ook wel de “diepte as” genoemd. Saggittaal betekent “pijlachtig” (net zoals het sterrenbeeld Saggitarius in het Nederlands boogschutter heet). Vermoedelijk draagt de as deze naam omdat het de richting is waarin een pijl afgevuurd wordt (of in je buik prikt als je een minder positief voorbeeld wilt). In het dagelijks leven is er eigenlijk maar een situatie waarin sommige mensen een omwenteling maken rond deze as: tijdens het maken van een radslag.

Ook bij aikido wordt deze as maar beperkt gebruikt. Er zijn echter wel twee situaties waarin deze as terugkomt: yoko-ukemi en het maken van een vrije val. Een vrije val kun je in theorie prima maken rondom de transversale as, maar vanuit de meeste technieken gaat dit veel soepeler rondom de sagittale as, of een willekeurige horizontale as tussen deze twee extremen in. Net als in eerste instantie bij de horizontale as, kan het maken van omwentelingen rond deze as in het begin zeer onwennig zijn. Het is daarom voor sommige mensen die een vrije val willen leren heel nuttig om de radslag te oefenen, om vertrouwd te raken met de omwenteling om de sagittale as.

Problemen bestuderen vanuit assen

Wanneer je goed oplet zie je dat veel problemen waar mensen tegenaan lopen bij aikido een relatie hebben met hun assen. Dit is zeker niet de enige manier om naar deze problemen te kijken, maar het kan een nuttige bril zijn om op te kunnen zetten. Iedereen werkt anders, en voor sommigen zal het een openbaring zijn om hun probleem uitgelegd te krijgen aan de hand van assen. Voor anderen zal het niet zoveel doen.

Een veel voorkomend probleem is dat mensen hun assen niet recht zijn. Een van de meest voorkomende problemen is dat de horizontale as door de heupen niet horizontaal is. Dit kan bij bijna elke techniek gebeuren. In dit geval is de lengte as niet verticaal en is er minder overdracht van kracht. Een ander veel voorkomend probleem is dat de horizontale as door de schouders niet horizontaal is bij technieken als irimi-nage.

Ook bij vrije val zit, naast angst, het probleem meestal in de assen. Wanneer men niet heeft geleerd zuiver te draaien rond de sagittale as maakt men een complexe draai. Deze draai leidt meestal tot een ongemakkelijke landing en, als die er nog niet was, angst. Wat men in dit geval vaak doet is:

  1. licht buigen rond de transversale as met het hoofd voorover tot de rug nagenoeg horizontaal is
  2. een omwenteling maken rond de (inmiddels horizontale) lengte as, waardoor men plat op de zij of rug landt.

Andere assen

Er zijn nog veel meer assen te vinden, in theorie zelfs oneindig veel. Denk bijvoorbeeld aan de assen die door de armen lopen: de lengte as van je arm die je gebruikt wanneer je je hand omdraait bij het werpen, of de transversale as van je arm langs welke je oprolt tijdens kote-gaeshi. Echter, de drie uitgelichte assen zijn het meest universeel en geven een andere kijk op veel voorkomende problemen waar mensen tegenaan lopen bij aikido.

Shikko

Shikko (膝行) is lopen op je knieën. Het is een traditioneel Japanse manier van bewegen, die veel gebruikt werd aan het hof. Het werd beleefd geacht om op je knieën te lopen en zitten, in plaats van te staan. Veel zwaardstijlen uit die tijd kennen ook zittende kata, omdat een deel van de gevechten ook zittend aan het hof plaatsvonden. Een andere reden dat men ging zitten in een gevecht is dat in het donker een persoon slechter zichtbaar is als deze zit dan wanneer deze staat. Degene die gaat zitten heeft zo een voordeel, omdat degene die staat tegen de sterrenhemel te zien is.

Het karakter shi () betekent “knie”. Het karakter ko () betekent bewegen of verplaatsen. Letterlijk betekent shikko dus “knie verplaatsing” of “beweging op de knieën”.

Binnen aikido wordt er relatief veel aandacht besteed aan zittende technieken. Dit lijkt in eerste instantie tamelijk nutteloos, omdat het tegenwoordig niet zo snel meer nodig zal zijn deze technieken uit te voeren om jezelf te verdedigen. Toch heeft het wel degelijk nut dit te leren. Zittend lopen en technieken uitvoeren vereist een veel betere balans dan dezelfde activiteiten staand vereisen. Dit komt omdat je niet langer met je benen kunt compenseren voor een matige houding of balans. Door technieken zittend correct uit te leren voeren, ga je staand ook netter en correcter werken.

Uitvoeren

Bij het uitvoeren van shikko is het belangrijk dat je enkels zoveel mogelijk bij elkaar blijven. Vervolgens breng je steeds 1 knie naar voren terwijl het andere been draait. Hierdoor ontstaat er steeds een driehoeksformatie. Zie het filmpje hieronder.

Tijdens de jeugdlessen wordt er geregeld “shikko tikkertje” gespeeld. Op deze manier leert de jeugd spelenderwijs om op hun knieën te lopen.

Zitten

Een typisch beeld binnen de Japanse krijgskunst is dat van mensen die op hun knieën zitten. Dit is een overblijfsel uit de Japanse cultuur, waar van oudsher de meeste activiteiten op de knieën zittend gebeurde. Stoelen kwamen bijna niet voor in Japan. In plaats daarvan waren de meeste kamers bedekt met rieten matten waar men op de knieën op zat (en van oudsher ook liep).

Dit heeft deels te maken met de anatomie van de Aziatische benen, die beter geschikt zijn voor het langdurig op de knieën zitten, maar vooral ook met gewenning. Het is helemaal niet gezond voor ons om zoveel te zitten als we doen, en zeker niet op stoelen. Hoewel vervelend en niet per se goed voor je knieën, is op je knieën zitten wel heel gezond voor je rug. Er ontstaat namelijk een veel natuurlijker kromming in je onderrug dan wanneer je in een stoel zit, en je voelt vanzelf wanneer het weer tijd is om te gaan staan. De Japanners hadden dit honderden jaren geleden al door, maar helaas zwichten ze langzaamaan steeds meer voor onze comfortabele stoelen.

Manieren van zitten

Er zijn verschillende manieren om te zitten, die in het Japans allemaal een naam hebben, de bekendste staan hier uitgelegd:

Seiza
Seiza zitten

Seiza (正坐) is de klassieke manier van zitten die we associëren met Japan, met samurai en met het Japanse hof. Seiza betekent letterlijk “correct zitten” of “rechtop zitten”. Voor Japanners betekent dit dat je zit op je knieën met je tenen plat en een licht holle rug. Afhankelijk van de lokale gebruiken en je rol in de maatschappij kan het de bedoeling zijn dat je je knieën tegen elkaar hebt (gangbaar voor vrouwen), of met 1-2 vuisten tussen je knieën (gangbaar voor mannen). Het is tevens gebruikelijk om je linkervoet een beetje op je rechtervoet te leggen. Dit kan je hele voorvoet zijn, of alleen de grote teen.

Kiza
Kiza zitten

Kiza (危坐) is binnen aikido een ander veel gebruikte houding. Het is de actieve versie van de “passieve” seiza. Het wordt vertaald als “geknield zitten”, maar als je de karakters los van elkaar leest ontstaat een ander beeld. Het gebruikte karakter voor ki (危) betekent zoiets als “gevaar” of “risico”. Aan een hof waar iedereen passief zit, is degene die in kiza zit gevaarlijk, omdat diegene veel sneller kan reageren.

Bij kiza zit je met je tenen in de mat, klaar om te bewegen. Het is het vertrekpunt voor shikko (lopen op je knieën) en de houding om aan te nemen voor je begint aan een zittende techniek. Veel mensen eindigen hun klemtechnieken ook in kiza, hoewel niet iedereen het eens is over die noodzaak.

Het nadeel aan kiza ten opzichte van seiza is dat je zwaartepunt een fractie hoger komt te liggen, en iets naar voren verplaatst. Dit is een van de reden dat sommige mensen ervoor kiezen hun klemmen af te maken in seiza.

Agura
Kleermakerzit agura zitten

Agura (胡坐) is wat we in het Nederlands “kleermakerszit” noemen. Je zit op je billen met je beide voeten onder je gevouwen. Wij noemen de houding zo, omdat van oudsher kleermakers in deze houding zaten te werken. Dit idee gaat al terug naar de tijd van de Romeinen. De spier die in deze houding maximaal opgerekt wordt heet in het Latijn de m. Sartorius, letterlijk “de kleermakerspier”.

De letterlijke betekenis van 胡坐 – agura is cultureel nog meer gekleurd. Het karakter 胡 betekent zoiets als “barbaar”. Het is in de Japanse traditie een barbaarse manier van zitten. Overigens wordt dit woord van oudsher gebruikt voor stammen op het vaste land van Azië. Hoewel ook Europeanen die 400 jaar geleden in Japan arriveerden als barbaren werden gezien, werden zij meestal met het karakter 蛮 aangeduid, wat impliceert dat het niet de Europeanen, maar andere Aziaten waren die de kleermakerszit introduceerden in Japan.

In de moderne Japanse cultuur geldt agura als een ontspannen zithouding, uitsluitend geschikt voor mannen. De hoekige vorm die de knieën maken vond men niet passen bij vrouwen. Daarnaast, en mogelijk belangrijker, werd de houding onkuis geacht voor vrouwen met een rok aan. Bij aikido speelt dit minder een rol, maar aangezien veel (middelbare)scholen nog een schooluniform (met verplichte rok voor dames) kennen heerst dit beeld nog steeds een beetje. Hoewel niet alle schoolgaande dames zich hier iets van aantrekken. Bij aikido geld agura als ontspannen alternatief voor seiza, bijvoorbeeld tijdens de uitleg van de leraar of tijdens examens. Het nadeel is dat het een stuk lastiger is om soepel en snel op te staan zonder de handen te gebruiken.

Kekkafuza
Lotushouding zitten kekkafuza

Kekkafuza (結跏趺坐) is wat we in het Nederlands de “lotushouding” noemen. Letterlijk betekent het zoiets als “kleermakerszit met verbonden voeten”, en dat dekt de lading. Vanuit kleermakerszit is het de bedoeling dat je beide voeten op de knie van het andere been tilt. Dit is niet voor iedereen haalbaar, en is dan ook niet meer dan een optie.

Yokozuwari
Yokozuwari zijwaarts zitten

Yokozuwari (横坐り) is traditioneel het vrouwelijke alternatief voor de ‘mannelijke’ kleermakerszit. Het betekent letterlijk “scheef zitten”, en wordt gezien als een ontspannender houding dan seiza, die ook vrouwen met rokken kunnen aannemen. De makkelijkste manier om deze houding aan te nemen is vanuit seiza je billen/heup opzij te laten vallen. Helaas is dit minder gunstig voor de rug, en daarom wordt dit bij aikido dan ook niet gedaan.

Sonkyo
Sonkyo Japans hurken

Sonkyo (蹲踞), letterlijk “gehurkt”, is een lastige houding om aan te nemen. De bedoeling is dat je slechts op je tenen/bal van je voet rust, terwijl je je bovenbenen naar buiten draait en je knieën lager zijn dan je heupen. Deze houding wordt onder andere tijdens sumo wedstrijden veel gebruikt.

Kamae – houding

Hoe je staat, hoe je zit, welk been voor en hoe je vastpakt. Binnen aikido wordt het allemaal omschreven aan de hand van één begrip: kamae, “houding”. Het Japanse karakter voor kamae (構) wordt veelvuldig gebruikt in combinaties die structuur, bouw of samenstelling aangeven. Dit geeft meteen weer hoezeer houding en karakter met elkaar verbonden zijn in Japan. Je bent de houding die je jezelf geeft. Een correcte, nette, houding is daarom zeer belangrijk. Het staat niet alleen netjes en soms zelfs stoer, het heeft ook martiale voordelen. Er zijn grofweg twee verschillende houdingen aan te wijzen: shizentai (自然体) en hanmi (半身).

Shizentai

Shizentai

Shizen betekent “natuur” of “natuurlijk”. Je komt de karakters (自然) vaak tegen op “natuurlijk gebrouwen sojasaus”. Tai (体) betekent “lichaam”. Shizentai is elke houding die we van nature aannemen wanneer we in rust zijn. Binnen aikido en andere krijgskunsten kan het zowel de alledaagse houding zijn, als de voorgeschreven niet-martiale houding. Bijvoorbeeld de houding wanneer men naar de leraar luistert of kort voor het groeten. Tijdens ‘een correcte’ shizentai:

  • Staan je voeten naast elkaar, vaak iets naar buiten gedraaid.
  • Sta je op beide benen.
  • Zijn je knieën licht gebogen. Met gestrekte knieën verbruikt je lichaam minder energie. Het is een soort natuurlijke energiebesparende rust stand. Aangezien krijgskunst wel rustig kan zijn, maar nooit rust, zijn gestrekte knieën een soort zonde. Dit maakt (het niet zo gezonde) op 1 been leunen meteen ook ongemakkelijk.
  • Zijn je schouders en kin wat naar achteren getrokken.
  • Is je rug uitgestrekt, alsof je aan een touwtje omhoog getrokken wordt.

Door deze houding aan te nemen wanneer je niet bezig bent zie je er nog steeds actief uit. Je zorgt voor een correcte belasting van de spieren die hiervoor gemaakt zijn.

Hanmi

(Hidari) Hanmi

Han (半) betekent “half”. Mi (身) betekent ook “lichaam” (het meest gebruikte woord voor lichaam in het Japans is een combinatie van deze twee karakters: 身体, meer hierover op onze pagina over het Japanse schrift). Hanmi betekent dus “half-lichaam”, en duidt een stand aan waar slechts de helft van je lichaam direct zichtbaar is, en 1 voet in de richting van de kijker wijst. Details wisselen van dojo tot dojo, en veranderen zelfs over tijd maar grofweg zijn er een aantal elementen aan te wijzen als standaard:

  • Voeten staan ongeveer haaks op elkaar. Dit vergroot de stabiliteit in verschillende richtingen. Vroeger werd de voorste voet nog wel eens een stukje uitgedraaid. Dit vergroot de stabiliteit maar te ver uitdraaien gaat ten kosten van de beweeglijkheid en vergroot de kans op knie problemen.
  • Knieën zijn nooit helemaal gestrekt, net als bij shizentai. Hoeveel de knieën gebogen moeten worden hangt af van de situatie en de opvattingen. Meer buigen betekent meer stabiliteit maar minder beweeglijkheid.
  • De schouders en kin zijn licht naar achteren getrokken.
  • De rug is recht en lang, alsof je aan een touwtje omhoog getrokken wordt.
Ai Hanmi

Hanmi is altijd hetzelde, wat wisselt is welk been je voor hebt. Dit wordt meestal nader omschreven:

  • Hidari betekent “links”, hidari hanmi kamae betekent dus “in half-lichaams-stand met het linkerbeen voor”
  • Migi betekent “rechts”, migi hanmi kamae betekent dus “in half-lichaams-stand met het rechterbeen voor”
  • Ai betekent “harmonie”, dat wil zeggen rechts-rechts, ai-hanmi betekent dus “in half-lichaamsstand met het zelfde been voor als je partner”
  • Gyaku betekent “omgekeerd”, dat wil zeggen links-rechts, gyaku-hanmi betekent dus “in half-lichaamsstand in spiegelbeeld”
Gyaku Hanmi

Een correcte houding is belangrijk binnen aikido. Het is een van de dingen die je techniek kracht geeft. Het is daarom een van de dingen die beoordeeld wordt op de examens.

Zanshin

Zanshin (残心) is een van de ongrijpbare begrippen binnen aikido. Wat er veelal mee bedoeld wordt is dat men alert moet blijven voor, gedurende en vooral ook na afloop van een techniek. Met andere woorden: een stukje aandacht overhouden aan het einde van de techniek. Het karakter zan (残) betekent “overblijven” en het karakter shin (心) betekent hart of geest. De karakters samen betekenen dus letterlijk “achtergebleven hart of geest”.

Zanshin
Zanshin

Typische voorbeelden van iemand die geen zanshin toont: ontspannen, bijna nonchalant, staan, tijdens de techniek bezig zijn met het koppel naast je of meteen wegdraaien om weg te lopen zodra uke gegooid is.

Iemand die wel zanshin toont staat al netjes in kamae voor de aanval van uke begint, is bewust bezig met de techniek correct uitvoeren (met oog voor het welzijn van uke), en blijft ook na de worp op uke gericht in kamae staan.

Het nut van zanshin

Zanshin is enerzijds een goede oefening voor het lichaam, je spendeert langer in een lage, stevige, en tevens fysiek zware houding. Maar het is vooral een goede oefening voor de hersenen. Concentreren op 1 persoon en actie, terwijl er van alles om je heen gebeurt is lastig, maar ook heel nuttig.

Ook voor de veiligheid is een goede zanshin belangrijk. Als tori ben je verantwoordelijk voor het welzijn van uke. Het is belangrijk om uke zowel tijdens als na de techniek goed in de gaten te houden om botsingen te voorkomen. Op een (over) volle mat kan dit gedeeltelijk ten koste gaan van je eigen houding, de winst zit hem dan in de veiligheid en het trainen van je concentratie.

Tot slot ziet het werken met een goede zanshin er natuurlijk een stuk beter uit, daarom is het voor een goede demonstratie onontbeerlijk. Dit alles maakt zanshin tot een belangrijk concept binnen aikido en is daarom een van de aspecten die beoordeel worden tijdens de examens.

Kokyuu – Ademhaling

Kokyuu (呼吸) betekent letterlijk “ademhaling”. Het woord is opgebouwd uit 呼, wat zoiets als “roepen” betekent, en 吸, wat zoiets als “zuigen” of “inhaleren” betekent. Het Japanse woord 呼吸 roept daarmee een beeld op van het herhaaldelijk uitblazen en inhaleren van lucht: ademen! Ademen is iets wat we de hele dag doen, maar lang niet allemaal op de juiste manier. De meest ontspannen manier om te ademen is met je buik. In dit geval duwt je middenrif je organen naar beneden, waardoor je longen zich volzuigen. Het lichaam is erop gemaakt deze ademhaling normaliter de hele dag uit te voeren.

Er is echter een tweede manier van ademen, met de borst. Deze ademhalingsmethode hebben we voor stressvolle momenten, bijvoorbeeld wanneer er gevaar dreigt. Op dat moment trekken je nek spieren en tussenribspieren je borstkas omhoog, waardoor deze opent en je longen zich nog voller zuigen met lucht. Hierdoor neem je in korte tijd meer zuurstof op.

Gezondheid en krijgskunst

Aikido Almere Ademhaling
Borst vs buik ademhaling

Ademen met je borst is ontzettend nuttig voor korte, stressvolle, periodes. Maar onder invloed van langdurige spanningen, bijvoorbeeld rondom deadlines en keuze-stress, ademt een grote groep mensen bijna voortdurend met hun borst. Dit is niet goed voor de gezondheid. De nekspieren en tussenribspieren zijn hiervoor niet gemaakt en kunnen klachten veroorzaken, bijvoorbeeld in het hoofd of de armen.

Ook martiaal gezien is borstademhaling niet ideaal. Het lichaam associeert dit met stress, en spant zich aan. Het doel van aikido is juist dat we leren om ontspannen met een conflict om te gaan. Daarnaast drukt een buikademhaling je organen naar beneden, waardoor je zwaartepunt iets lager komt te liggen – je staat stabieler. Borst ademhaling daarentegen trekt je ribbenkast omhoog, waardoor je zwaartepunt hoger komt te liggen en je minder stabiel bent.

Oefeningen voor de ademhaling

Ademhalingsoefening Aikido Almere
Ademhalingsoefeningen aan het begin van de les

Buikademen is een natuurlijk proces. Met een beetje geluk herkent je lichaam het en neemt het vanzelf over. Dit is op voorwaarde dat je zelf ontspannen bent. Een gemakkelijke oefening om het buikademen te bevorderen kun je ’s avonds voor de tv of op je bed uitoefenen. Leg een hand op je borst, en een hand op je buik. Adem rustig in en uit, en zorg dat de hand op je buik beweegt, en die op je borst niet.

Op den duur zul je merken dat je meer controle krijgt over je ademhaling, en kun je het zonder handen proberen. En dan kan het eigenlijk overal, in de rij bij de kassa, op je werk, tijdens het koken of in de auto. Hoe meer je het doet, hoe meer je lichaam geneigd is om het ook op andere (rustige) momenten te blijven doen, en hoe beter je aikido wordt. Veel succes!

Kokyuu houd ons levend en ontspannen, het is dan ook een van de dingen die beoordeeld wordt op het examen. Hierbij wordt gekeken naar hoe men in staat is om continu door te trainen, een rustige, ontspannen ademhaling is hiervoor vereist. Daarnaast helpt een goede ademhaling bij het juist timen van bewegingen, bijvoorbeeld in reactie op een aanval.

Ma-ai – Afstand

Ma-ai is een begrip binnen aikido, wat vaak vertaald wordt als “afstand”, namelijk die tussen je partner en jou. Letterlijk betekent het “tussenruimte”, dus niet alleen de afstand, maar ook wat er zich daar bevindt. Meestal bevindt zich hier niets, dus dan volstaat de simpele vertaling. Als men de begrippen ma en ai los vertaalt en samenvoegt, wordt het “het afstemmen van de ruimte”.

Afstand Aikido Almere
Ma-ai binnen Aikido

In beginsel wordt men geleerd dat ma-ai drie afstanden betreft: de afstand waarop men veilig staat, de afstand waarop men aangevallen kan worden, en de afstand waarop men een techniek kan uitvoeren. Alle drie concepten waar tori, de uitvoerder, mee te maken heeft. Dit is geen incorrecte uitleg, maar geeft uke, de ontvanger, een passieve rol. “Afstemmen van de ruimte” is wat dat betreft een betere vertaling, omdat het de invloed van beide betrokkenen erkent.

De juiste afstand

Correcte Ma-ai
Ma-ai hangt af van de situatie

Twee mensen die aan het strijden zijn proberen allebei een zo voordelig mogelijke positie in te nemen voor henzelf ten opzichte van een ander. Dit heeft te maken met hun eigen balans, maar vooral ook met hun afstand tot elkaar. Dit is niet alleen iets van tori, maar juist datgene waar uke mee bezig moet zijn terwijl tori iets uitvoert. De juiste afstand verschilt per techniek, maar is ook sterk afhankelijk van de grootte van tori en uke.

Een groter verschil in lengte moet vaak gecompenseerd worden met een grotere afstand. Dit wordt extra duidelijk bij technieken als irimi-nage en tenchi-nage, en natuurlijk bij hanmi-hantachiwaza. Tot slot, wordt dit net al zoveel dingen binnen aikido, het beste geïllustreerd met wapens. De afstand tussen tori en uke verandert op het moment dat een van de twee een wapen vast heeft. Dit is meteen zichtbaar aan het begin van de techniek, maar werkt ook door tijdens de techniek zelf.

Het is belangrijk de voor- en nadelen van verschillende afstanden te leren, en wat daarbij van je verwacht wordt als tori en uke.

Ma-ai is een belangrijk concept binnen aikido en wordt daarom beoordeeld op het examen. Er wordt onder andere gekeken of mensen alert zijn wanneer ze op een gevaarlijke afstand staan, of ze bij een aanval dichtbij genoeg staan dat ze kunnen reageren, en of ze een werkbare afstand kiezen voor de techniek die ze uit moeten voeren.