Jiku – Assen binnen aikido – een andere blik op bewegen

Een belangrijk concept binnen anatomie, en biomechanica in het bijzonder, is dat van assen. En aangezien aikido te bestuderen is als toegepaste biomechanica, is het ook binnen aikido een zeer belangrijk concept. Zonder dat we erbij stilstaan is elke aikido techniek een groot samenspel van assen. Bewustwording van dit concept kan helpen je aikido naar een hoger niveau te tillen, of bijvoorbeeld blokkades bij bepaalde valbreekoefeningen weg te nemen. In de drie dimensionale wereld waar we in leven hebben we drie assen. In het dagelijks leven gebruiken we maar een van deze volledig, bij aikido is dat anders.

De lengte as

Tenkai: een draai om de lengte as

Veruit de meest gebruikte as in het dagelijks leven is de verticale as, officieel de “lengte as” genaamd. De verticale as loopt vanaf je hoofd door je rug, loodrecht naar beneden tot aan je voeten. Bij de meeste acties die we uitvoeren draaien we om deze as. Wanneer we iets uit de koelkast pakken en linksom of rechtsom naar het aanrecht draaien bijvoorbeeld.

Ook bij aikido is deze verticale as belangrijk, omdat je probeert deze zoveel mogelijk in stand te houden. Anders gezegd, je probeert zoveel mogelijk je rug verticaal te houden. Als je perse moet buigen, doe je dit naar voren of achteren, en zeker niet opzij. Hoe beter je hierin slaagt, hoe mooier je houding, en belangrijker, hoe beter je krachten over kunt brengen vanuit je centrum naar je partner.

Er ontstaan geregeld situaties waar ons hoofd omlaag moet voor een techniek, bijvoorbeeld bij shiho-nage. De kunst is dan om door de knieën te zakken, hierdoor kan de rug verticaal blijven. Dit vereist wel enige souplesse in de heupen en enkels, en robuuste knieën.

De transversale as

Mae-ukemi: een draai om de horizontale as

De tweede as die we in het dagelijks leven geregeld gebruiken is een horizontale as die van links naar rechts door de heupen loopt. Deze as heet officieel “de transversale as” en wordt ook wel de “breedte as” genoemd. Echter, in het dagelijks leven gebruiken we deze as maar heel beperkt. Bijvoorbeeld wanneer we bukken om iets op te rapen op niet-ergonomische wijze, met gestrekte benen dus. Er zijn onder normale omstandigheden geen situaties waarin we een volledige omwenteling maken om deze as. We buigen slechts van rechtopstaand naar beneden en terug. Een uitzondering hierop zijn kinderen die in de speeltuin om een stang heen tuimelen, of bij de gymles een koprol leren.

Bij aikido wordt deze horizontale as juist heel veel gebruikt. Praktische elke rol die je maakt is een omwenteling rond de transversale as. Omdat veel mensen dit helemaal niet gewend zijn kan het rollen in het begin heel onwennig zijn en zelfs desoriënterend werken. Mocht dit het geval zijn doe dan rustig aan. Het is een gevoel waar je doorheen zult moeten, maar dat hoeft niet in een keer te gebeuren, neem de tijd en bezeer jezelf niet.

Als het goed is gebruikt tori de horizontale as zo min mogelijk. Het is vooral uke die met deze as van doen heeft.

De saggitale as

Yoko-ukemi: een draai om de saggitale as.

De derde as is ook een horizontale as, maar deze staat haaks op de transversale as. Je kunt je voorstellen dat deze as door je navel naar voren en achteren steekt. De as draagt de dure naam “sagittale as”, en wordt ook wel de “diepte as” genoemd. Saggittaal betekent “pijlachtig” (net zoals het sterrenbeeld Saggitarius in het Nederlands boogschutter heet). Vermoedelijk draagt de as deze naam omdat het de richting is waarin een pijl afgevuurd wordt (of in je buik prikt als je een minder positief voorbeeld wilt). In het dagelijks leven is er eigenlijk maar een situatie waarin sommige mensen een omwenteling maken rond deze as: tijdens het maken van een radslag.

Ook bij aikido wordt deze as maar beperkt gebruikt. Er zijn echter wel twee situaties waarin deze as terugkomt: yoko-ukemi en het maken van een vrije val. Een vrije val kun je in theorie prima maken rondom de transversale as, maar vanuit de meeste technieken gaat dit veel soepeler rondom de sagittale as, of een willekeurige horizontale as tussen deze twee extremen in. Net als in eerste instantie bij de horizontale as, kan het maken van omwentelingen rond deze as in het begin zeer onwennig zijn. Het is daarom voor sommige mensen die een vrije val willen leren heel nuttig om de radslag te oefenen, om vertrouwd te raken met de omwenteling om de sagittale as.

Problemen bestuderen vanuit assen

Wanneer je goed oplet zie je dat veel problemen waar mensen tegenaan lopen bij aikido een relatie hebben met hun assen. Dit is zeker niet de enige manier om naar deze problemen te kijken, maar het kan een nuttige bril zijn om op te kunnen zetten. Iedereen werkt anders, en voor sommigen zal het een openbaring zijn om hun probleem uitgelegd te krijgen aan de hand van assen. Voor anderen zal het niet zoveel doen.

Een veel voorkomend probleem is dat mensen hun assen niet recht zijn. Een van de meest voorkomende problemen is dat de horizontale as door de heupen niet horizontaal is. Dit kan bij bijna elke techniek gebeuren. In dit geval is de lengte as niet verticaal en is er minder overdracht van kracht. Een ander veel voorkomend probleem is dat de horizontale as door de schouders niet horizontaal is bij technieken als irimi-nage.

Ook bij vrije val zit, naast angst, het probleem meestal in de assen. Wanneer men niet heeft geleerd zuiver te draaien rond de sagittale as maakt men een complexe draai. Deze draai leidt meestal tot een ongemakkelijke landing en, als die er nog niet was, angst. Wat men in dit geval vaak doet is:

  1. licht buigen rond de transversale as met het hoofd voorover tot de rug nagenoeg horizontaal is
  2. een omwenteling maken rond de (inmiddels horizontale) lengte as, waardoor men plat op de zij of rug landt.

Andere assen

Er zijn nog veel meer assen te vinden, in theorie zelfs oneindig veel. Denk bijvoorbeeld aan de assen die door de armen lopen: de lengte as van je arm die je gebruikt wanneer je je hand omdraait bij het werpen, of de transversale as van je arm langs welke je oprolt tijdens kote-gaeshi. Echter, de drie uitgelichte assen zijn het meest universeel en geven een andere kijk op veel voorkomende problemen waar mensen tegenaan lopen bij aikido.

Shikko

Shikko (膝行) is lopen op je knieën. Het is een traditioneel Japanse manier van bewegen, die veel gebruikt werd aan het hof. Het werd beleefd geacht om op je knieën te lopen en zitten, in plaats van te staan. Veel zwaardstijlen uit die tijd kennen ook zittende kata, omdat een deel van de gevechten ook zittend aan het hof plaatsvonden. Een andere reden dat men ging zitten in een gevecht is dat in het donker een persoon slechter zichtbaar is als deze zit dan wanneer deze staat. Degene die gaat zitten heeft zo een voordeel, omdat degene die staat tegen de sterrenhemel te zien is.

Het karakter shi () betekent “knie”. Het karakter ko () betekent bewegen of verplaatsen. Letterlijk betekent shikko dus “knie verplaatsing” of “beweging op de knieën”.

Binnen aikido wordt er relatief veel aandacht besteed aan zittende technieken. Dit lijkt in eerste instantie tamelijk nutteloos, omdat het tegenwoordig niet zo snel meer nodig zal zijn deze technieken uit te voeren om jezelf te verdedigen. Toch heeft het wel degelijk nut dit te leren. Zittend lopen en technieken uitvoeren vereist een veel betere balans dan dezelfde activiteiten staand vereisen. Dit komt omdat je niet langer met je benen kunt compenseren voor een matige houding of balans. Door technieken zittend correct uit te leren voeren, ga je staand ook netter en correcter werken.

Uitvoeren

Bij het uitvoeren van shikko is het belangrijk dat je enkels zoveel mogelijk bij elkaar blijven. Vervolgens breng je steeds 1 knie naar voren terwijl het andere been draait. Hierdoor ontstaat er steeds een driehoeksformatie. Zie het filmpje hieronder.

Tijdens de jeugdlessen wordt er geregeld “shikko tikkertje” gespeeld. Op deze manier leert de jeugd spelenderwijs om op hun knieën te lopen.

Zitten

Een typisch beeld binnen de Japanse krijgskunst is dat van mensen die op hun knieën zitten. Dit is een overblijfsel uit de Japanse cultuur, waar van oudsher de meeste activiteiten op de knieën zittend gebeurde. Stoelen kwamen bijna niet voor in Japan. In plaats daarvan waren de meeste kamers bedekt met rieten matten waar men op de knieën op zat (en van oudsher ook liep).

Dit heeft deels te maken met de anatomie van de Aziatische benen, die beter geschikt zijn voor het langdurig op de knieën zitten, maar vooral ook met gewenning. Het is helemaal niet gezond voor ons om zoveel te zitten als we doen, en zeker niet op stoelen. Hoewel vervelend en niet per se goed voor je knieën, is op je knieën zitten wel heel gezond voor je rug. Er ontstaat namelijk een veel natuurlijker kromming in je onderrug dan wanneer je in een stoel zit, en je voelt vanzelf wanneer het weer tijd is om te gaan staan. De Japanners hadden dit honderden jaren geleden al door, maar helaas zwichten ze langzaamaan steeds meer voor onze comfortabele stoelen.

Manieren van zitten

Er zijn verschillende manieren om te zitten, die in het Japans allemaal een naam hebben, de bekendste staan hier uitgelegd:

Seiza
Seiza zitten

Seiza (正坐) is de klassieke manier van zitten die we associëren met Japan, met samurai en met het Japanse hof. Seiza betekent letterlijk “correct zitten” of “rechtop zitten”. Voor Japanners betekent dit dat je zit op je knieën met je tenen plat en een licht holle rug. Afhankelijk van de lokale gebruiken en je rol in de maatschappij kan het de bedoeling zijn dat je je knieën tegen elkaar hebt (gangbaar voor vrouwen), of met 1-2 vuisten tussen je knieën (gangbaar voor mannen). Het is tevens gebruikelijk om je linkervoet een beetje op je rechtervoet te leggen. Dit kan je hele voorvoet zijn, of alleen de grote teen.

Kiza
Kiza zitten

Kiza (危坐) is binnen aikido een ander veel gebruikte houding. Het is de actieve versie van de “passieve” seiza. Het wordt vertaald als “geknield zitten”, maar als je de karakters los van elkaar leest ontstaat een ander beeld. Het gebruikte karakter voor ki (危) betekent zoiets als “gevaar” of “risico”. Aan een hof waar iedereen passief zit, is degene die in kiza zit gevaarlijk, omdat diegene veel sneller kan reageren.

Bij kiza zit je met je tenen in de mat, klaar om te bewegen. Het is het vertrekpunt voor shikko (lopen op je knieën) en de houding om aan te nemen voor je begint aan een zittende techniek. Veel mensen eindigen hun klemtechnieken ook in kiza, hoewel niet iedereen het eens is over die noodzaak.

Het nadeel aan kiza ten opzichte van seiza is dat je zwaartepunt een fractie hoger komt te liggen, en iets naar voren verplaatst. Dit is een van de reden dat sommige mensen ervoor kiezen hun klemmen af te maken in seiza.

Agura
Kleermakerzit agura zitten

Agura (胡坐) is wat we in het Nederlands “kleermakerszit” noemen. Je zit op je billen met je beide voeten onder je gevouwen. Wij noemen de houding zo, omdat van oudsher kleermakers in deze houding zaten te werken. Dit idee gaat al terug naar de tijd van de Romeinen. De spier die in deze houding maximaal opgerekt wordt heet in het Latijn de m. Sartorius, letterlijk “de kleermakerspier”.

De letterlijke betekenis van 胡坐 – agura is cultureel nog meer gekleurd. Het karakter 胡 betekent zoiets als “barbaar”. Het is in de Japanse traditie een barbaarse manier van zitten. Overigens wordt dit woord van oudsher gebruikt voor stammen op het vaste land van Azië. Hoewel ook Europeanen die 400 jaar geleden in Japan arriveerden als barbaren werden gezien, werden zij meestal met het karakter 蛮 aangeduid, wat impliceert dat het niet de Europeanen, maar andere Aziaten waren die de kleermakerszit introduceerden in Japan.

In de moderne Japanse cultuur geldt agura als een ontspannen zithouding, uitsluitend geschikt voor mannen. De hoekige vorm die de knieën maken vond men niet passen bij vrouwen. Daarnaast, en mogelijk belangrijker, werd de houding onkuis geacht voor vrouwen met een rok aan. Bij aikido speelt dit minder een rol, maar aangezien veel (middelbare)scholen nog een schooluniform (met verplichte rok voor dames) kennen heerst dit beeld nog steeds een beetje. Hoewel niet alle schoolgaande dames zich hier iets van aantrekken. Bij aikido geld agura als ontspannen alternatief voor seiza, bijvoorbeeld tijdens de uitleg van de leraar of tijdens examens. Het nadeel is dat het een stuk lastiger is om soepel en snel op te staan zonder de handen te gebruiken.

Kekkafuza
Lotushouding zitten kekkafuza

Kekkafuza (結跏趺坐) is wat we in het Nederlands de “lotushouding” noemen. Letterlijk betekent het zoiets als “kleermakerszit met verbonden voeten”, en dat dekt de lading. Vanuit kleermakerszit is het de bedoeling dat je beide voeten op de knie van het andere been tilt. Dit is niet voor iedereen haalbaar, en is dan ook niet meer dan een optie.

Yokozuwari
Yokozuwari zijwaarts zitten

Yokozuwari (横坐り) is traditioneel het vrouwelijke alternatief voor de ‘mannelijke’ kleermakerszit. Het betekent letterlijk “scheef zitten”, en wordt gezien als een ontspannender houding dan seiza, die ook vrouwen met rokken kunnen aannemen. De makkelijkste manier om deze houding aan te nemen is vanuit seiza je billen/heup opzij te laten vallen. Helaas is dit minder gunstig voor de rug, en daarom wordt dit bij aikido dan ook niet gedaan.

Sonkyo
Sonkyo Japans hurken

Sonkyo (蹲踞), letterlijk “gehurkt”, is een lastige houding om aan te nemen. De bedoeling is dat je slechts op je tenen/bal van je voet rust, terwijl je je bovenbenen naar buiten draait en je knieën lager zijn dan je heupen. Deze houding wordt onder andere tijdens sumo wedstrijden veel gebruikt.

Kamae – houding

Hoe je staat, hoe je zit, welk been voor en hoe je vastpakt. Binnen aikido wordt het allemaal omschreven aan de hand van één begrip: kamae, “houding”. Het Japanse karakter voor kamae (構) wordt veelvuldig gebruikt in combinaties die structuur, bouw of samenstelling aangeven. Dit geeft meteen weer hoezeer houding en karakter met elkaar verbonden zijn in Japan. Je bent de houding die je jezelf geeft. Een correcte, nette, houding is daarom zeer belangrijk. Het staat niet alleen netjes en soms zelfs stoer, het heeft ook martiale voordelen. Er zijn grofweg twee verschillende houdingen aan te wijzen: shizentai (自然体) en hanmi (半身).

Shizentai

Shizentai

Shizen betekent “natuur” of “natuurlijk”. Je komt de karakters (自然) vaak tegen op “natuurlijk gebrouwen sojasaus”. Tai (体) betekent “lichaam”. Shizentai is elke houding die we van nature aannemen wanneer we in rust zijn. Binnen aikido en andere krijgskunsten kan het zowel de alledaagse houding zijn, als de voorgeschreven niet-martiale houding. Bijvoorbeeld de houding wanneer men naar de leraar luistert of kort voor het groeten. Tijdens ‘een correcte’ shizentai:

  • Staan je voeten naast elkaar, vaak iets naar buiten gedraaid.
  • Sta je op beide benen.
  • Zijn je knieën licht gebogen. Met gestrekte knieën verbruikt je lichaam minder energie. Het is een soort natuurlijke energiebesparende rust stand. Aangezien krijgskunst wel rustig kan zijn, maar nooit rust, zijn gestrekte knieën een soort zonde. Dit maakt (het niet zo gezonde) op 1 been leunen meteen ook ongemakkelijk.
  • Zijn je schouders en kin wat naar achteren getrokken.
  • Is je rug uitgestrekt, alsof je aan een touwtje omhoog getrokken wordt.

Door deze houding aan te nemen wanneer je niet bezig bent zie je er nog steeds actief uit. Je zorgt voor een correcte belasting van de spieren die hiervoor gemaakt zijn.

Hanmi

(Hidari) Hanmi

Han (半) betekent “half”. Mi (身) betekent ook “lichaam” (het meest gebruikte woord voor lichaam in het Japans is een combinatie van deze twee karakters: 身体, meer hierover op onze pagina over het Japanse schrift). Hanmi betekent dus “half-lichaam”, en duidt een stand aan waar slechts de helft van je lichaam direct zichtbaar is, en 1 voet in de richting van de kijker wijst. Details wisselen van dojo tot dojo, en veranderen zelfs over tijd maar grofweg zijn er een aantal elementen aan te wijzen als standaard:

  • Voeten staan ongeveer haaks op elkaar. Dit vergroot de stabiliteit in verschillende richtingen. Vroeger werd de voorste voet nog wel eens een stukje uitgedraaid. Dit vergroot de stabiliteit maar te ver uitdraaien gaat ten kosten van de beweeglijkheid en vergroot de kans op knie problemen.
  • Knieën zijn nooit helemaal gestrekt, net als bij shizentai. Hoeveel de knieën gebogen moeten worden hangt af van de situatie en de opvattingen. Meer buigen betekent meer stabiliteit maar minder beweeglijkheid.
  • De schouders en kin zijn licht naar achteren getrokken.
  • De rug is recht en lang, alsof je aan een touwtje omhoog getrokken wordt.
Ai Hanmi

Hanmi is altijd hetzelde, wat wisselt is welk been je voor hebt. Dit wordt meestal nader omschreven:

  • Hidari betekent “links”, hidari hanmi kamae betekent dus “in half-lichaams-stand met het linkerbeen voor”
  • Migi betekent “rechts”, migi hanmi kamae betekent dus “in half-lichaams-stand met het rechterbeen voor”
  • Ai betekent “harmonie”, dat wil zeggen rechts-rechts, ai-hanmi betekent dus “in half-lichaamsstand met het zelfde been voor als je partner”
  • Gyaku betekent “omgekeerd”, dat wil zeggen links-rechts, gyaku-hanmi betekent dus “in half-lichaamsstand in spiegelbeeld”
Gyaku Hanmi

Een correcte houding is belangrijk binnen aikido. Het is een van de dingen die je techniek kracht geeft. Het is daarom een van de dingen die beoordeeld wordt op de examens.

Gaan staan en zitten

Er zijn verschillende woorden om mee aan te duiden dat iemand moet gaan staan of zitten. De Japanse gebiedende wijs eindigt altijd op “te” of “de”. Tatsu (立つ) betekent “staan”, tatte (立って) is dus “ga staan”. Suwaru (座る) betekent “zitten”, suwatte (座って) is dus “ga zitten”. In hoeverre deze woorden gebruikt worden hangt sterk af van de cultuur binnen een dojo. In sommige dojo gebruikt men het veelvuldig, in andere dojo alleen in uitzonderlijke situaties, zoals bij een examen.

Door de Chinese invloed op de Japanse taal zijn er vaak twee of meer woorden met dezelfde betekenis. De woorden met een Chinese oorsprong zijn wat formeler en stijver. In sommige dojo wordt daarom de voorkeur gegeven aan dit soort woorden. Andere opdrachten die vaak ter vervanging gebruikt worden zijn kiritsu (起立, “opstaan”) en seiza (正座, “netjes zitten” of “correct zitten”).

Netjes opstaan en gaan zitten

Er zijn verschillende manieren om vanuit zittende positie naar een staande positie te gaan. De meeste scholen besteden hier verder weinig aandacht aan. Toch kom je soms een Japanse leraar tegen die het tot in de puntjes correct wil zien. Het kan voorkomen dat een dergelijke leraar pas verder gaat met een stage als iedereen weet hoe het hoort.

De officiële “correcte” vorm (zoals die aan het hof verwacht zou worden) is dat je vanuit seiza eerst je rechtervoet op de grond zet, dan opstaat en je rechtervoet weer aansluit door deze naar achteren te halen. Gaan zitten is hier de omgekeerde vorm van: eerst je rechtervoet naar voren en linkerknie op de grond, dan je rechter knie naar achteren aansluiten. Dit heeft te maken met het traditionele zwaardvechten, waar je je zwaard op je linkerheup draagt. Met je rechterbeen omhoog kun je je zwaard direct trekken. Door je positie ten opzichte van de kamiza kan het zijn dat het netter is om dezelfde bewegingen gespiegeld te doen (dus te beginnen met je linkerbeen). Op die manier kun je voorkomen dat de binnenkant van je bovenbeen zichtbaar is voor de tere ogen van de toeschouwers aan de kamiza zijde.

Opstaan Tatte gaan staan gaan zitten

Netjes maar natuurlijk

Een vergelijkbare, maar iets natuurlijkere manier om te gaan staan is je rechter voet neerzetten, dan opstaan en je linkervoet naar voren toe aan te sluiten. Als je gaat zitten zet je dan je linkerknie naar achteren op de grond en sluit je rechter knie aan.

Bij Aikidojo Poort hechten we niet veel waarde aan de manier van op staan, maar we zien graag dat je weet hoe het hoort, zodat je dit indien nodig correct kunt uitvoeren. Mocht je in een dojo komen waar ze hier aandacht aan besteden, bijvoorbeeld voor een stage, dan kun je het gebruik direct herkennen en moeiteloos meedoen.

Talentontwikkeling Programma

Een van de belangrijkste programma’s van Aikido Bond Nederland is het Talentontwikkeling Programma. Het programma is speciaal voor de jeugd die meer diepgang en uitdaging wil. De hoofdleraar van Aikidojo Poort, Maarten, is op zijn 5e begonnen met aikido. In die tijd waren er geen speciale programma’s voor de jeugd. Je kwam trainen bij je lokale dojo en ging weer naar huis.

Talentontwikkeling programma ukemi training

Gelukkig raakte Maarten zijn vader zelf ook geïnspireerd door aikido, waardoor Maarten op 9 jarige leeftijd al door zijn vader meegesleurd werd naar de volwassenles en stages, waar hij vaak met zijn sempai, Chiel, op de mat stond, of anders zelfs als enige kind.

Het is natuurlijk veel leuker om op hoog niveau te kunnen trainen met leeftijdsgenoten. Vandaar dat Aikido Bond Nederland enkele jaren geleden is begonnen met het Talentontwikkeling programma. Het doel van het Talentontwikkeling programma is het verbreden én verdiepen van de aikido vaardigheden van de jeugd. Tevens leert de jeugd een demonstratie geven en omgaan met de stress die daarbij komt kijken. Top leraren van verschillende secties met veel ervaring met het lesgeven aan kinderen verzorgen samen de lessen die worden bijgewoond door jeugd uit het hele land.

Papendal

De lessen vinden (grotendeels) plaats op Papendal, het Nederlands Olympisch Sportcentrum. Dit is goed te bereiken (vanaf Almere een klein uur) en ademt sportiviteit. De Olympische sporters trainen hier ook, dus wie weet kom je wel een keer Dafne Schippers of en andere sportheld tegen! De lessen zijn meestal op zondagochtend. Naast hard werken is er ook tijd voor ontspanning en gezelligheid en je ziet dat de deelnemers binnen de kortste keren nieuwe vrienden maken.

Video impressie van een TO training

3 groepen

Het programma bestaat uit drie groepen:

  • TO1 – open voor alle aikidoka vanaf 10 jaar die enthousiast zijn. Ben je 9 en enthousiast? Neem dan contact op met de leraar.
  • TO2 – open voor alle aikidoka vanaf 13 jaar die een vrije val kunnen maken.
  • TO3 – selecte groep aikidoka van 16+ die deelnemen op uitnodiging.
Video impressie van de TO-demo tijdens het Dojo-Cho evenement in Almere Poort

Aikidojo Poort is nauw betrokken bij het Talentontwikkeling programma. Hoofdleraar Maarten is een van de 6 docenten van het TO-team, en we hebben deelnemers in alle drie de groepen.

Wil je meer weten over dit ontzettend gave programma? Neem contact op met Maarten, of bekijk de website.

Aikido Lerarenopleiding

Een van de belangrijkste projecten van Aikido Bond Nederland is de lerarenopleiding. De lerarenopleiding is erkend door de Nederlandse sportkoepel, NOC*NSF. Dankzij deze koppeling aan NOC*NSF maakt de opleiding de vertaalslag van de oosterse krijgskunst traditie naar het westerse sportmodel.

Deze opleiding richt zich op gevorderde aikidoka, die minstens in het bezit zijn van shodan (zwarte band). Tijdens de opleiding leren de aspirant leraren de nodige techniek overstijgende vaardigheden. Denk bijvoorbeeld aan didactiek en Eerste Hulp Bij Sport Ongevallen. Een ander belangrijk voordeel van de opleiding is dat aikidoka van verschillende “secties” elkaar op neutraal terrein leren kennen en leren samen te werken.

In het verleden was de aikido wereld in Nederland erg gesegregeerd. Aikidoka van verschillende secties (ook wel bonden genoemd) hadden tot voor kort nauwelijks contact met elkaar. Mede dankzij de opleiding zitten zij nu aan een tafel en werken samen.

Foto’s van de examens van de Aikido Lerarenopleiding 2019, waar 4 leraren van Aikidojo Poort meededen:

Aikido Lerarenopleiding op 3 niveau’s

De opleiding wordt gegeven op 3 niveau’s:

  • Niveau 2 – Gericht op het zelfstandig les kunnen geven aan jeugd en volwassenen
  • Niveau 3 – Gericht op het leiding geven aan een dojo, en het ontwikkelen van technisch beleid voor kyu-graden.
  • Niveau 4 – Gericht op het leiding geven aan een groep dojo, bond/sectie, en het ontwikkelen van technisch beleid voor dangraden.

Alle leraren binnen Aikidojo Poort hebben ten minste de opleiding niveau 2 gevolgd. De hoofdleraar, Maarten, heeft niveau 3 gevolgd. Daarnaast geeft hij les tijdens de opleiding niveau 2, en helpt regelmatig als examinator bij de examens van de opleiding.

Voor meer informatie, zie de website van de aikido lerarenopleiding.

Hombu Dojo

Binnen de aikido wereld spreekt men vaak over “Hombu” of “Hombu Dojo”, maar wat is dit eigenlijk? Hombu is een veel gebruikt Japans woord, los van Aikido. Daarnaast heeft het een specifieke betekenis voor Aikido, zowel op het gebied van trainen als op het gebied van organisatie.

Het woord Hombu

Hombu bestaat, net als veel Japanse woorden, uit twee karakters: 本, hon, en 部, bu.

本 wordt in allerlei samenstelling gebruikt. Het is lastig om het karakter in 1 vertaling te vatten. Japanners gebruiken het karakter om de wortels van een boom te omschrijven, maar ook de “wortel van kennis” – een boek. Ook minder grijpbare woorden als “echt” bevatten het karakter. De beste, vrije, vertaling is daarmee misschien wel “oorsprong”. 部 is een simpeler karakter, het betekent deel, club of afdeling. De karakters samen betekenen dus zoiets als “de oorspronkelijke afdeling”, en worden gebruikt om een hoofdkwartier mee aan te duiden. De eerste van een keten scholen of winkels, het belangrijkste kantoorgebouw, etc.

Hombu Dojo als trainingslocatie

Aikido Hombu Dojo Aikkai Tokyo
Leden van Aikidojo Poort bij Hombu Dojo

Toen Ueshiba Morihei zijn kunst ontwikkelde had een hij plek nodig om deze te onderwijzen. Dit werd de Kobukan Dojo in Tokyo. Na de tweede wereldoorlog werd de naam verandert in Hombu Dojo. In eerste instantie was het een simpel houten gebouw, maar in 1967 werd het vervangen door het huidige gebouw met 5 etages.

De 5 etages herbergen niet een maar eigenlijk twee (!) dojo. De grote dojo zit boven, daar worden de standaard lessen gegeven. In de kleine dojo een verdieping lager worden er andere lessen gegeven zoals kinderlessen, beginnerslessen en lessen speciaal voor vrouwen. Daarnaast zijn er natuurlijk kleedruimtes, kantoren en een slaapverblijf voor de uchi-deshi, inwonende studenten.

Bij Hombu betaal je (naast inschrijfgeld) een bedrag per dag of maand. En op die dag, of gedurende die maand, kun je zoveel trainen als je wilt. Met 5 uur les op een dag kom je niet snel tekort. Elke ochtend stroomt Hombu weer vol met mensen die voor hun werk even snel een lesje van Doshu of Dojo-cho meepikken, en ook de rest van de dag is het een komen en gaan van aikidoka. Ook buitenlanders weten hun weg te vinden en komen in steeds grotere getalen trainen. Danwel omdat zij in de omgeving wonen, danwel als bezoeker.

Zie hier een filmpje van Mihály Dobróka, die al een tijd in Tokyo woont en traint, en speciaal toestemming heeft gekregen om een stukje les te filmen (dit is zeer uitzonderlijk!).

Hombu Dojo als zetel van de Aikikai

Aikikai Hombu Dojo Tokyo Japan
Maarten met Yokota Shihan in Hombu Dojo

Naast de Doshu, hoofd van de aikikai en telg uit de Ueshiba familie, zijn er een 30 tal andere grootmeesters die les geven in de Hombu dojo, of bijvoorbeeld op universiteitsclubs in de omgeving. Veel leraren zijn hun carrière begonnen als uchi-deshi. Een groot deel van deze leraren geeft wekelijks les volgens een vast schema, dan wel de reguliere, dan wel de eerder genoemde speciale lessen. Ook zijn er speciale les-series waar je je op in kunt schrijven. Deze les-series lopen voor een aantal weken en bij deelname wordt er van je verwacht dat je er elke keer bij bent.

Voor het rooster van Hombu Dojo, klik hier.

Qua stijl zijn er veel verschillen te ontdekken tussen de verschillende leraren van Hombu. Toch is er een duidelijk, coherente lijn: de basis. Iedereen is het erover eens wat die basis is, en wanneer je examen doet in Hombu moet je laten zien dat je die basis beheerst. Buiten de examens om doen de verschillende leraren hun eigen ding, en met het gevarieerde rooster van Hombu is er voor iedereen wat te vinden.

Hombu Dojo als administratief centrum

Naast 2 dojo herbergt het Hombu gebouw ook een kantoor, van de Aikikai organisatie. Hier houden ze netjes bij wie wanneer komt trainen, of er betaald is, etc. Maar er wordt ook veel meer geregeld, zoals het onderhouden van contacten met scholen en organisaties binnen en buiten Japan. Voor veel mensen misschien nog wel belangrijker: ze administreren ook alle dan-graden die wereldwijd worden afgegeven.

Wanneer je je shodan (eerste zwarte band) examen doet, betaal je naast je examengeld ook inschrijfgeld. Dit is hetzelfde inschrijfgeld wat je betaald als je bij Hombu gaat trainen (je betaalt maar 1 keer, voor de meeste mensen dus tijdens hun shodan-examen, omdat ze daarna pas naar Hombu gaan). Hombu registreert dus ALLE officiële dan-graden ter wereld. Dit betekent ook dat wanneer je naar Timboektoe verhuist, je zonder problemen daar verder beoordeeld zou moeten kunnen worden voor hogere graden.

Helaas worden er door sommige leraren, zelfs binnen Nederland, ook niet officiele dan-graden uitgereikt. Dit zorgt voor veel verwarring, omdat eisen anders zijn; en teleurstelling als de ontvangers van deze graden wisselen van school. Zij zullen dan namelijk van voor af aan moeten beginnen met het behalen van officiele dan-graden.

Aikido Stijlen

Morihei Ueshiba,
O’Sensei

Ueshiba Morihei was zonder twijfel een begaafde krijger met een uniek inzicht in de werking van het menselijk lichaam. Maar van een coherent systeem opbouwen om te onderwijzen was nauwelijks sprake. Die taak werd grotendeels door zijn leerlingen en vooral zijn zoon, Ueshiba Kisshomaru, opgenomen. Ieder had andere ideëen en zo ontwikkelden zich verschillende Aikido stijlen.

Lang zocht Ueshiba Morihei (“O’Sensei) naar een naam voor hetgeen hij onderwees. Na een tijdje Takemusu-Aiki overwogen te hebben, besloot hij uiteindelijk voor Aikido te gaan. Maar met een naam alleen was hij er nog niet, zijn vaardigheden moest hij ook overbrengen. Naar goed Japans gebruik deed hij dit door technieken en oefeningen voor te doen. Zijn leerlingen moesten kopiëren. Als hij iets uitlegde dan was dit vaak dusdanig doorspekt van spiritualiteit en beeldspraak dat ook dit op veel verschillende manieren geïnterpreteerd kon worden. Veel van zijn leerlingen hadden dus ook een geheel eigen, en soms sterk afwijkende, visie van aikido.

Daar komt nog bij dat O’Sensei zijn aikido bleef ontwikkelen. Zo is er een groot verschil tussen het “hardere” en “praktischer” aikido wat hij voor de tweede wereldoorlog onderwees, en het “zachtere” en “sierlijker” van na de oorlog. Leerlingen uit de verschillende periodes van zijn leven hebben soms dus ook een erg verschillend idee van wat O’Sensei bedoelde. Dit heeft gezorgd voor veel afsplitsingen en het ontstaan van verschillende stijlen. Hieronder staan de grootste aikido stijlen omschreven:

Aikikai Aikido

Ueshiba Moriteru,
Aikido Doshu

Ook wel Ueshiba aikido genoemd, omdat dit de stroming is die wordt voortgezet door de Ueshiba familie (inmiddels kleinzoon en achterkleinzoon) in de Hombu Dojo. Veruit de grootste stroming qua aantal beoefenaars, waar ook Aikidojo Poort onder valt.

De stroming is erg breed en binnen deze stijl zijn veel subtiele verschillen die je sub-stromingen zou kunnen noemen, maar veel verschillen zullen alleen kenners opvallen. Een belangrijke drijfveer achter het succes van Aikikai Aikido als organisatie en aikido stijl is dat er geen discussie ontstaat over opvolging, het leiderschap wordt van vader op zoon overgedragen binnen de Ueshiba familie. Dit heeft juist wel het afsplitsen van een aantal andere organisaties in de hand gewerkt. De Aikikai vindt haar hoofdkwartier in de Hombu Dojo in Tokyo, Japan.

会, “kai” betekent organisatie of samenkomst. Aikikai betekent dus de organisatie van harmonie en innerlijke kracht.

Yoshinkan

Shioda Gozo Aikido Yoshinkan
Shioda Gozo

Deze Aikido stijl volgt het voorbeeld van Shoida Gozo, een van de voornaamste voor-oorlogse leerlingen van O’Sensei. Shioda richtte de Yoshinkan organisatie op in de chaotische periode van wederopbouw na de tweede wereldoorlog, wat gebeurde met een goede verstandhouding tot O’Sensei. Officieel is de organisatie nooit afgesplits van de Aikikai en beide organisaties werken nogsteeds samen. Het Yoshinkan aikido is zeer praktisch in uitvoering en wordt daarom ook wel aan de politie onderwezen. Dit staat in schril contrast met de naam die zoiets betekent als “Hal van spirituele ontwikkeling”.

館, “kan” betekent hal, of complex (van gebouwen), 養, “yo” betekent ontwikkeling en 神, “shin” betekent heilig of god. In de Japanse cultuur wordt elke steen en elke boom als “geest” of “ziel” gezien, en dus als “god”. Japanse karakters vertalen is lastig, en vergt soms een wat vrijere interpretatie.

Yoseikan

Mochizuki Minoru Aikido Yoseikan
Mochizuki Minoru

Deze Aikido stijl volgt het voorbeeld van Mochizuki Minoru, een andere voorname voor-oorlogse leerling van O’Sensei. Mochizuki had de nodige ervaring opgedaan in Judo en andere krijgskunsten toen hij op aanwijzing van de grondlegger van Judo, Kano Jigoro, Aikido ging beoefenen. Mochizuki combineerde zijn brede kennis van de krijgskunsten om een eigen stijl te ontwikkelen, wat in een stroomversnelling kwam na het overlijden van O’Sensei. Dit bewoog Mochizuki om de Yoseikan organisatie op te richten. Opvallende verschillen zijn de naamgeving, die bijna volledig anders zijn dan binnen de andere aikido stijlen, en het curriculum wat is uitgebreid met offerworpen, voetvegen en andere technieken die aan het Judo doen denken.

De naam betekent zoiets als “hal van correcte ontwikkeling”. 正, “sei” in het midden van de naam is dezelfde als in “seiza” – correct zitten. Maar dit karakter kan op vele manieren uitgesproken worden, bijvoorbeeld ook de “sho” in “shomen”.

Takemusu-Aiki

Saito Morihiro Takemusu Aiki Iwama Stijl
Saito Morihiro

Naast de Hombu Dojo bouwde O’Sensei nog een tweede dojo, in het plaatsje Iwama, ten noord oosten van Tokyo. Toen hij een stapje terug zette in zijn latere leven ging hij steeds meer les geven in Iwama, en steeds minder in Tokyo. Dit verklaart ook de tweede, veel gebruikte, naam van deze stijl “Iwama-Ryu”. 流, “ryu” betekent zoiets als stroming, en is wat de Japanners gebruiken om naar verschillende stijlen binnen een budo-vorm te refereren.

De hoofdleraar in Iwama was Saito Morihiro, die veel nadruk legde op buki-waza, gewapende technieken. Dit kon vele vormen aannemen, zoals suburi (losse slagen), kata (vaste patronen, solitair of in tweetallen uitgevoerd), technieken met een wapen in de hand, maar bovenal technieken om de ander te ontwapenen. Deze ontwikkeling is zeer natuurlijk gegaan en het maakt dat de organisatie pas heel recentelijk is afgesplits. Deze afsplitsing is in gang gezet door de zoon van Saito Morihiro, Saito Hitohiro. Hij heeft overigens zijn eigen dojo opgericht, en de dojo in Iwama wordt nogsteeds vanuit de Aikikai bestuurd.

Takemusu-Aiki is de oorspronkelijke naam die O’Sensei in gedachte had voor aikido. Het is een begrip wat last te vertalen is. 武, “take”, wordt ook wel uitgesroken als “bu”, zoals in “budo”. Het betekent martiaal. 産, “musu” betekent zoiets als baren of voortbrengen. Het idee is dat het martiale op een natuurlijke manier voortgebracht wordt, zonder erbij na te denken.

Ki-Aikido

Tohei Koichi Ki Aikido
Tohei Koichi

Ook wel Shin-Shin Toitsu Aikido. Deze Aikido stroming volgt het voorbeeld van Tohei Koichi, een van de leerlingen van Ueshiba Morihei die de ontwikkeling van “ki” wilde benadrukken. Na de oorlog was Tohei lange tijd een van de voornaamste leraren binnen Hombu. Het verschil van inzicht met de andere leraren binnen hombu dojo zorgde echter voor veel wrijving wat maakte dat hij zich afsplitste.

De officiële naam, Shin-Shin Toitsu Aikido, betekent zoiets als “aikido van het verenigde lichaam en geest”. Het is wat dat betreft frappant dat zowel het karakter 心, wat “hart” of “innerlijk” betekent, en 身, wat “lichaam” betekent, allebei als “shin” uitgesproken kunnen worden.

Yuishinkai

Maruyama Koretoshi Aikido Yuishinkai Stijl
Maruyama Koretoshi

Min of meer een afsplitsing van het Ki-Aikido. Opgericht door Maruyama Koretoshi, leerling van zowel Ueshiba Morihei als Tohei Koichi, en lange tijd de rechterhand van de laatste. In de loop der jaren vervreemde hij van het politieke beleid van Ki-Aikido, wat hem bewoog Yuishinkai op te richten.

De naam betekent (zeer) vrij vertaald zoiets als “puur spiritule organisatie”. Het karakter 唯 betekent namelijk zoiets als “alleen”, of “enkel”. In deze context wordt daar dus “puur” mee bedoeld.

Aikidojo Poort

Bij Aikidojo Poort beoefenen we in de eerste plaats Aikikai Aikido. Dit is een zeer brede stroom en biedt nog veel ruimte voor interpretatie. De hoofdleraar, Maarten Heinsius, is leerling van Erik Louw, een van de aikido pioniers in Nederland, en dit heeft een duidelijke stempel gedrukt op de aikido stijl bij Aikidojo Poort.

Ook Maarten zijn achtergrond in de gezondheidszorg, en de bijbehorende kennis van het menselijk lichaam, heeft een grote invloed gehad op ons aikido, en net als andere aikido stijlen staat het niet stil. Maarten gaat geregeld, alleen of met een groep leerlingen, naar stages van uiteenlopende leraren, zowel binnen als buiten de Aikikai stijl.

We vinden het belangrijk dat er een duidelijke, solide, basis is voor beginners om op een prettige en vruchtbare manier aan hun aikido pad te kunnen beginnen. Dit is wat er beoordeeld wordt op examens en wat men in elke geval moet kunnen. Tegelijkertijd willen we niemand limiteren in hun ontwikkeling en valt er van elke stijl en iedereen wat te leren.

Aikido Bond Nederland

Logo Aikido Bond Nederland
Logo ABN

Aikido Bond Nederland is een overkoepelende organisatie die verschillende “secties” met elkaar verbindt. Het is het aanspreekpunt voor de overheid, NOC*NSF en internationale organisaties, bijvoorbeeld de Internationale Aikido Federatie.

Een ander belangrijk voordeel is dat een aantal belangrijke projecten, zoals de lerarenopleiding en het talentontwikkelingsprogramma hierdoor op nationaal niveau geregeld kunnen worden. Dit versterkt ook weer de banden op nationaal niveau.

Structuur

Door verschil van inzichten zijn er in de loop der jaren steeds meer losse aikido organisaties (“bonden”) ontstaan, elk met een eigen structuur, cultuur en gradering. Dit maakte het voor mensen van buiten de aikido wereld, zoals NOC*NSF, erg lastig om een aanspreekpunt te vinden. In 2009 is daarom de Aikido Bond Nederland opgericht. Deze bond, die zich zo min mogelijk bezighoudt met Aikido technische zaken als examens, vertegenwoordigt bijna alle aikido organisaties in Nederland op nationaal en internationaal niveau. Alle “bonden” die in de loop der jaren zijn ontstaan zijn vertegenwoordigd in Aikido Bond Nederland als “secties”. Aikidojo Poort is aangesloten bij een van die secties, Aikido Kenshukai Nederland (AKN). Naast de Aikikai secties, zijn er ook secties voor andere Aikido stijlen, klik op de link om daar meer over te lezen.

Activiteiten

ABN draait een aantal belangrijke programma’s die de samenwerking van verschillende aikido scholen binnen en buiten Nederland moet vergroten:

Aikido Bond Nederland Leraren Opleiding
Aikidojo Poort bij de ABN Leraren Opleiding

Daarnaast organiseert ABN jaarlijks enkele stages, zoals een stage met vrouwelijke instructeurs, een multi-stijlendag, met vertegenwoordigers van alle secties, een stage rondom internationale vrouwendag, en een stage met Kobayashi-Shihan van de Hombu dojo. Daarnaast heeft ABN bij de oprichting een stage georganiseerd met Ueshiba Moriteru, Aikido Doshu, en voor het 10 jarig jubileum een stage met zijn zoon, Ueshiba Mitsuteru, Dojo-Cho van Hombu dojo in Almere Poort. Aikidojo Poort is bij veel van deze activiteiten aanwezig en helpt mee met de organisatie waar mogelijk.


Voor meer informatie, zie de website van Aikido Bond Nederland.